IN DE KIJKER: De website krijgt een opknapbeurt. Hierdoor kan het zijn dat tijdelijk niet alle informatie beschikbaar is.

Het gebruik van de handelings- en (zelf)reflectiefgerichte opvoedingsanalyse.

ROOS van de OUDER

Wat is de roos?

De roos laat zien dat opvoeden door zeer veel zaken beïnvloed wordt en dat je er op verschillende manieren naar kan kijken.  Het doel is al deze dingen belichten en nadenken over het ‘gewicht’ dat elk van die dingen heeft.

Voor wie is ze bedoeld?

Uitgangspunt is dat jullie als ouder en jullie kind(eren) zelf spreekbuis zijn. Het is aan jullie om een beeld te schetsen van hoe jullie je gezin- en opvoedingssituatie ‘beleven’. Een gebeuren wordt door elk van ons: of je vader, moeder of kind bent anders beleefd, omdat we nu eenmaal anders zijn en vanuit een andere positie naar dingen kijken. Ook wij, als gezinsbegeleider of opvoeder hebben een manier van kijken. Op basis van dit beroep wordt een zekere deskundigheid verwacht en het zou niet eerlijk zijn om dit niet te delen. Het samen inkleuren voorkomt dat er ‘over’ jullie wordt gepraat.   

De roos wordt gekleurd met groen, oranje en rood.            

Niemand heeft een volledig groene roos. Niemand heeft het ‘gedroomde’ leven.  Elk van ons heeft te maken met momenten van verdriet, frustratie, onmacht… gelukkig zijn er ook dingen waar we fier op kunnen zijn. Het is de bedoeling om een kleur te geven aan wat ‘bezwaart’ of juist ‘helpt’. De meningen kunnen uiteen lopen, maar ze hebben alle recht van bestaan en er wordt genoteerd waarom iets als rood (zeer moeilijk), oranje (een risico) of groen (ok) wordt ervaren. De roos is veranderlijk. Het ene moment heeft het moeilijke de bovenhand, het ziet het er niet goed uit en we voelen we ons niet ok. Op een ander moment gaat het beter en hebben we energie. Wees niet bang dat bij aanvang de roos er niet ‘rooskleurig’ of beter gezegd ‘groenkleurig’ uit ziet. Je mag fier zijn op wat er ondanks alles groen is en het is de bedoeling dat het beter gaat aanvoelen en er meer groen kan gekleurd worden.

Van hulpvraag naar hulp.

De roos bestaat uit verschillende schijven. Bezorgdheden rond het gedrag van het kind, welke vaak de aanleiding zijn voor de hulpverlening, vinden een plek in schijf 4. Het kan goed zijn om hiermee te starten, maar men kan ook kiezen voor een andere instap. Ouders bepalen mee het tempo en de volgorde van onderwerpen. Er wordt gestreefd naar een zo volledig mogelijk gekleurde roos. Hoe vollediger, hoe beter het zicht op factoren die aanleiding zijn voor of moeilijk gedrag in stand houden. Hulpmiddelen. Elk besproken item kan aanleiding zijn om diepgaander mee aan de slag te gaan. Samen wordt nagedacht over  wat men wil bereiken, het waarom en het hoe.    

Een hulpmiddel, geen keurslijf.

De roos is een leidraad, maar wordt boven gehaald en/ of terzijde geschoven volgens wat voor het gezin op dat moment prioritair is. Het kan dus zijn dat de roos snel wordt ingekleurd, maar het kan ook gespreid worden over langere tijd, omdat men ondertussen reeds aan de slag gaat met bepaalde dingen. Het is leuk wanneer je aan het eind van de begeleiding zelf kan zien dat er vakjes in de roos ‘groen’ zijn geworden, die bij aanvang oranje of zelfs rood waren. Het kan gaandeweg echter ook duidelijk worden dat je andere hulp nodig hebt. Er wordt dan samen bekeken wat dit kan zijn en hoe dit kan opgestart worden.